hof-van-egmond-haarlem-br2

Wel of geen welvaartseffect?

Nadat de effecten zijn geïdentificeerd moet per effect worden bepaald of het effect wel of geen welvaartseffect is. Voor het bepalen of een effect een welvaartseffect is kan de volgende vuistregel worden gebruikt: als mensen binnen het invloedsgebied netto blijer of geïrriteerder worden van een effect is er sprake van een welvaartseffect. Hieronder vind je drie voorbeelden van effecten van een project die geen welvaartseffect zijn:

  1. Een project zorgt ervoor dat werkgelegenheid verplaatst van het westen naar het oosten van de stad. In dit geval zijn de inwoners van de stad er netto niet op vooruit gegaan en is er dus geen sprake van een welvaartseffect.
  2. De aanwezigheid van straatcoaches in Wijk A zorgt ervoor dat er minder afval op straat wordt gegooid. Wijk A scoort momenteel een 6,5 op een schaal van 1-10 als het gaat om de netheid van de straten. De score zal waarschijnlijk een 7,5 worden als de straatcoaches aan de slag gaan. Een collega heeft een studie gevonden waaruit volgt dat mensen gemiddeld 5 euro bereid zijn te betalen voor het verhogen van het rapportcijfer voor de netheid van hun wijk met 1 punt. Wel is er alleen sprake van betalingsbereidheid als het rapportcijfer in de uitgangsituatie onvoldoende is.
  3. Een effect wordt doorgegeven en mag dus niet twee keer worden geteld. Stel dat een interventie leidt tot een betere leefbaarheid voor mensen in Wijk A. Door de verbeterde leefbaarheid stijgen de huizenprijzen in Wijk A. Je moet er in dit geval voor kiezen om ofwel de verbeterde leefbaarheid ofwel de huizenprijsstijging als effect mee te nemen anders is er sprake van een dubbeltelling.

Klik op deze link voor meer voorbeelden van dubbeltellingen.

Klik hier om terug te gaan naar Stap 7